Ik versus de DSM-V

De diagnose ASS wordt gesteld via de DSM-V. Op 33-jarige leeftijd kreeg ik de diagnose Autisme Spectrum Stoornis (ASS). Vanaf dat moment konden vele puzzelstukjes op hun plaats gaan vallen. Ik startte met leren wat mijn kwaliteiten zijn, hoe ik het beste prikkels kan verwerken en hoe ik mijn energie goed kan verdelen. Nu is de puzzel nog niet klaar maar ik ben al een heel eind gekomen. Als ik terug denk aan de tijd waarin de diagnose gesteld is, kreeg ik een aantal onderzoeken die ik moest doen (denkend aan vragen beantwoorden en geheugentesten). Daarom Ik versus DSM-V

Het aanvoelen van mensen tijdens een gesprek gaat mij redelijk af maar dit heb ik geleerd in de afgelopen 39 jaar. Veel heb ik mezelf aangeleerd en dat kost energie, nu nog steeds.
Non-verbale communicatie is niet mijn sterkste kant maar ik heb geleerd om te vragen wanneer ik twijfel. Wat verrassende uitkomsten kan geven want waarom denk ik dat iemand boos is terwijl diegene diep nadenkt.
Voel ik mij sociaal gezien anders? Ja, dat voel ik. Een hele simpele uitleg is dat ik vaak moe ben en daardoor een afspraak moet/ wil afzeggen, maar leg dit maar eens uit en dat steeds opnieuw. Het signaleren van sarcasme in een sociale situatie is ook niet altijd mijn sterkste punt, wat wel eens ongemakkelijke situaties kan veroorzaken en om die te vermijden, wil ik wel eens sociaal gezien ‘anders’ zijn.
Ik heb geen last van het maken van dezelfde bewegingen óf het op een rij zetten van bepaalde voorwerpen. Soms heb ik last van opruim-drang maar dat is dan toch net wat anders.
Veranderingen daarentegen dat is wel een dingetje voor me, afspraken die verlaat zijn of niet nagekomen worden vind ik verschrikkelijk. Iemand die onverwacht voor de deur staat vind ik nog erger. Iedere avond leg ik mijn kleding klaar voor de volgende dag, op een bepaalde manier, is dit anders klaargelegd dan ben ik helemaal van slag. Het vervelende is dat ik in dit soort gevoelens blijf hangen, langer als normaal en dat maakt het zo moeilijk.
Mijn gehoor is scherp, iets kan ook heel snel heel zeer aan mijn oren doen. Licht is vaak te fel voor me, daardoor draag ik snel een zonnebril. Aanraken van producten/ voedingsmiddelen vind ik interessant maar mensen die mij plotseling aanraken, daar kan ik niet goed mee omgaan.
Bij de onderzoeken kreeg ik ook een interessante vraag: hoe houd je je bestek vast? Ik vroeg me af hoe zij kon weten dat ik mijn bestek andersom en verkeerd vasthou. Maar dit is iets wat typerend is voor iemand met ASS (wat niet wil zeggen dat iedereen dat heeft).

Ik heb ooit een training sociale communicatie gehad om assertiever te worden. Dit was voor mijn diagnose ASS en was dus gericht op ‘het normale’ brein. Het wierp direct zijn vruchten af maar al snel iets teveel vruchten want ik nam alles letterlijk waardoor er onplezierige situaties ontstonden. Gelukkig werd me al snel duidelijk dat er iets niet klopte en ruim een jaar later kreeg ik de testen/ onderzoeken die daarna de diagnose ASS werd.

Tatjana